J. den Boeft en A. Hilhorst (red.), Early Christian Poetry; A Collection of Essays, Supplements to Vigiliae Christianae, vol. 22, E.J. Brill, Leiden, 1993, 319 blz. ISBN 90 04 09939 5

J. den Boeft en A. Hilhorst (red.), Early Christian Poetry; A Collection of Essays, Supplements... BOEKBEOORDELINGEN/REVIEWS J. den Boeft en A. Hilhorst (red.), Early Christian Poetry; A Collection of Essays, Supplements to Vigiliae Christianae, vol. 22, E.J. Brill, Leiden, 1993, 319 blz. ISBN 90 04 09939 5. Dit boek bevat de bijdragen aan de conferentie die de Nederlandse Stichting voor Oud-christelijke Studiën in 1991 ter gelegenheid van haar dertigjarig bestaan gehouden heeft. Opzet van zowel de conferentie als deze bundel was een zo veelzijdig mogelijk beeld te geven van de ontwikkeling van de vroeg- christelijke poëzie. Daarin zijn de samenstellers voortreffelijk geslaagd. W c vinden bijdragen die, geografisch gezien, reiken van Spanje (Prudentius) tot Syrië (Ephrem) en, wat het tijdaspect betreft, van Joodse metrische epitafen en een essay over het poëtisch karakter van Openbaringen tot anti-christelijke joodse polemiek in de laat-Romeinse, Byzantijnse tijd. Binnen deze grenzen zien we de moderne onderzoekers aan het werk, de een met een korte paper over een detailprobleem, de ander met een gedetailleerde analyse van gedichten (b.v. Palmers artikel over Ephrem de SyriEr: interessant, maar zeer uitvoerig en eigenlijk halverwege een monografie over het onderwerp), of een Forschungsbericht over een bepaald dichter (b.v. het zeer instructieve artikel van Bastiaensen over de stand van zaken in het Prudentius-onder- zoek). Het behoeft waarschijnlijk weinig betoog dat er aan een dergelijke opzet ook bezwaren kieven. Een geslaagde conferentie mondt niet automatisch uit in een geslaagde essaybundel, zeker niet als de thematiek niet strak is geformuleerd. Toegegeven, als een rode draad loopt door de bundel heen de verhouding tussen, en de wederzijdse beinvloeding van christendom en antieke cultuur, maar dat thema is te breed en te voor de hand liggend om garant te staan voor voldoende coherentie. Wat ik mis is een fors inleidings- artikel waarin de gehele problematiek van de oudchristelijke poezie uit de doeken wordt gedaan en in een breed cultuurhistorisch en literair kader wordt gezet. Het artikel van Evenepoel 'The Place of Poetry in Latin Chris- tianity' is een aanzet daartoe maar mist toch enigszins de kracht en scope die men op grond van zo'n algemeen gestelde titel zou mogen verwachten. Ook had ik me kunnen voorstellen dat er meer aandacht geschonken was aan de analyse van de poezie zelf. Afgezien van het lange artikel van Palmer en, in zekere zin, de bijdrage van Barkhuizen over Synesius van Cyrene, is Jan den Boeft, een van de samenstellers van de bundel, de enige die zich in zijn beknopte 'Ambrosius Lyricus' met de literaire structuur van oudchristelijke poezie bezighoudt. Het artikel is een juweel, daar niet van. Maar van mij had het niet alleen langer gemogen. Het thema 'oudchriste- lijke poezie' had ook meer bijdragen van dit kaliber en van deze opzet verdiend. M.B. Pranger http://www.deepdyve.com/assets/images/DeepDyve-Logo-lg.png Nederlands Archief voor Kerkgeschiedenis (in 2006 continued as Church History and Religious Culture) Brill

J. den Boeft en A. Hilhorst (red.), Early Christian Poetry; A Collection of Essays, Supplements to Vigiliae Christianae, vol. 22, E.J. Brill, Leiden, 1993, 319 blz. ISBN 90 04 09939 5

Free
1 page

Loading next page...
1 Page
 
/lp/brill/j-den-boeft-en-a-hilhorst-red-early-christian-poetry-a-collection-of-YT0Nz3PO4g
Publisher
Brill
Copyright
© 1995 Koninklijke Brill NV, Leiden, The Netherlands
ISSN
0028-2030
eISSN
1871-2401
D.O.I.
10.1163/002820395X00056
Publisher site
See Article on Publisher Site

Abstract

BOEKBEOORDELINGEN/REVIEWS J. den Boeft en A. Hilhorst (red.), Early Christian Poetry; A Collection of Essays, Supplements to Vigiliae Christianae, vol. 22, E.J. Brill, Leiden, 1993, 319 blz. ISBN 90 04 09939 5. Dit boek bevat de bijdragen aan de conferentie die de Nederlandse Stichting voor Oud-christelijke Studiën in 1991 ter gelegenheid van haar dertigjarig bestaan gehouden heeft. Opzet van zowel de conferentie als deze bundel was een zo veelzijdig mogelijk beeld te geven van de ontwikkeling van de vroeg- christelijke poëzie. Daarin zijn de samenstellers voortreffelijk geslaagd. W c vinden bijdragen die, geografisch gezien, reiken van Spanje (Prudentius) tot Syrië (Ephrem) en, wat het tijdaspect betreft, van Joodse metrische epitafen en een essay over het poëtisch karakter van Openbaringen tot anti-christelijke joodse polemiek in de laat-Romeinse, Byzantijnse tijd. Binnen deze grenzen zien we de moderne onderzoekers aan het werk, de een met een korte paper over een detailprobleem, de ander met een gedetailleerde analyse van gedichten (b.v. Palmers artikel over Ephrem de SyriEr: interessant, maar zeer uitvoerig en eigenlijk halverwege een monografie over het onderwerp), of een Forschungsbericht over een bepaald dichter (b.v. het zeer instructieve artikel van Bastiaensen over de stand van zaken in het Prudentius-onder- zoek). Het behoeft waarschijnlijk weinig betoog dat er aan een dergelijke opzet ook bezwaren kieven. Een geslaagde conferentie mondt niet automatisch uit in een geslaagde essaybundel, zeker niet als de thematiek niet strak is geformuleerd. Toegegeven, als een rode draad loopt door de bundel heen de verhouding tussen, en de wederzijdse beinvloeding van christendom en antieke cultuur, maar dat thema is te breed en te voor de hand liggend om garant te staan voor voldoende coherentie. Wat ik mis is een fors inleidings- artikel waarin de gehele problematiek van de oudchristelijke poezie uit de doeken wordt gedaan en in een breed cultuurhistorisch en literair kader wordt gezet. Het artikel van Evenepoel 'The Place of Poetry in Latin Chris- tianity' is een aanzet daartoe maar mist toch enigszins de kracht en scope die men op grond van zo'n algemeen gestelde titel zou mogen verwachten. Ook had ik me kunnen voorstellen dat er meer aandacht geschonken was aan de analyse van de poezie zelf. Afgezien van het lange artikel van Palmer en, in zekere zin, de bijdrage van Barkhuizen over Synesius van Cyrene, is Jan den Boeft, een van de samenstellers van de bundel, de enige die zich in zijn beknopte 'Ambrosius Lyricus' met de literaire structuur van oudchristelijke poezie bezighoudt. Het artikel is een juweel, daar niet van. Maar van mij had het niet alleen langer gemogen. Het thema 'oudchriste- lijke poezie' had ook meer bijdragen van dit kaliber en van deze opzet verdiend. M.B. Pranger

Journal

Nederlands Archief voor Kerkgeschiedenis (in 2006 continued as Church History and Religious Culture)Brill

Published: Jan 1, 1995

There are no references for this article.

You’re reading a free preview. Subscribe to read the entire article.


DeepDyve is your
personal research library

It’s your single place to instantly
discover and read the research
that matters to you.

Enjoy affordable access to
over 18 million articles from more than
15,000 peer-reviewed journals.

All for just $49/month

Explore the DeepDyve Library

Search

Query the DeepDyve database, plus search all of PubMed and Google Scholar seamlessly

Organize

Save any article or search result from DeepDyve, PubMed, and Google Scholar... all in one place.

Access

Get unlimited, online access to over 18 million full-text articles from more than 15,000 scientific journals.

Your journals are on DeepDyve

Read from thousands of the leading scholarly journals from SpringerNature, Elsevier, Wiley-Blackwell, Oxford University Press and more.

All the latest content is available, no embargo periods.

See the journals in your area

DeepDyve

Freelancer

DeepDyve

Pro

Price

FREE

$49/month
$360/year

Save searches from
Google Scholar,
PubMed

Create lists to
organize your research

Export lists, citations

Read DeepDyve articles

Abstract access only

Unlimited access to over
18 million full-text articles

Print

20 pages / month

PDF Discount

20% off